Derde zondag van Pasen

Auteur: Anton-Marie Milh
Datum: 01-05-2022
Liturgische tijd: Paastijd
Liturgische jaar: C
Jaar: 2021-2022
Lezingen: Lc

Beste zusters en broeders,

Jullie zijn ongetwijfeld bekend met het fenomeen van de “déjà-vu”, het bizarre gevoel iets al eens eerder te hebben gezien, gehoord of ervaren op exact dezelfde manier. Dat gevoel moet ook de apostelen – en misschien ook sommigen hier aanwezig – zijn overvallen bij de gebeurtenissen die het Johannesevangelie ons vandaag vertelt. Enkele leerlingen vissen aan het Meer van Tiberias. Was dat niet de plaats waar Jezus hen voor het eerst geroepen had? Ze vangen niets, tot ze op Jezus’ woord de netten aan de andere kant van de boot in het water laten zakken. Barstensvol halen ze de netten weer op. Doet dit niet denken aan de wonderbare visvangst uit het Lucasevangelie? Een oud decor lijkt dus van onder het stof gehaald.

En toch is er een fundamenteel verschil. De Jezus met wie de apostelen in gesprek gaan is niet de aardse, maar de Verrezene, die in zich de kruiswonden draagt. Zijn oproep aan hen klinkt hetzelfde als voorheen: “Volg Mij”. Maar de inzet is nu verhoogd, de regels van het spel zijn ten volle duidelijk geworden. Jezus navolgen is een weg die leidt tot de Verrijzenis en het eeuwig leven, jazeker, maar niet zonder langs het kruis, het lijden, de dood te passeren. In het evangelie van vandaag lijkt Jezus de apostelen, en in het bijzonder Petrus, hiervan te willen doordringen.

Jezus navolgen betekent de Blijde Boodschap van zijn Verrijzenis en onze Verlossing uit de zonde verkondigen aan alle volkeren. Maar die verkondiging zal op weerstand stoten, bij de volkeren, en bij de leerlingen zelf. Het werkwoord dat in het Griekse origineel wordt gebruikt om het ophalen van het net te omschrijven, draagt in zich de connotatie dat dit net gaandeweg zwaarder werd. Logisch: de vissen zwemmen allemaal naar onder. Waar het net doodloopt verzamelt zich dus al het gewicht. De verkondiger kan vele mensen bereiken, maar wie kan hij ook aan boord trekken? Veel mensen vinden Jezus “nobel”, de evangelieverhalen “pittoresk”, de Verrijzenis een “happy ending”, maar wie is ook bereid zijn leven om te gooien, wie is bereid tot waarachtige bekering?

Dat dit niet enkel de